kwaliteit

Samenvatting van het inspectie rapport

Kwaliteit

Op 26 en 28 mei 2009 bezocht de inspectie de 6e Montessorisschool Anne Frank in het kader van het vierjaarlijks bezoek. Tijdens dit onderzoek beoordeelde de inspectie de kwaliteit van het onderwijs aan de hand van een aantal indicatoren conform de Wet op het Onderwijstoezicht (WOT). Hiermee kan de inspectie beoordelen of de school op belangrijke onderdelen onderwijs van voldoende kwaliteit biedt.

Deze indicatoren hebben in ieder geval betrekking op de kwaliteitszorg, de zorg en begeleiding, de resultaten, de ontwikkeling van leerlingen en enkele aspecten betreffende de naleving van de wet- en regelgeving, waaronder de onderwijstijd.De inspectie bezocht de school, bestudeerde schooldocumenten en handelingsplannen en voerde gesprekken met de directie en de intern begeleidster, de leraren en leerlingen. Daarnaast observeerden zij de onderwijspraktijk door lessen (schrijven) bij te wonen in midden- en bovenbouwgroepen.

Het rapport kunt u lezen door de volgende link te volgen.

Op deze site vindt u het “4JB rapport van 26-05-2009” als meest recente.

Hieronder geven wij een korte samenvatting van het rapport.

De inspectie concludeert dat de kwaliteit van het onderwijs voor de meeste onderzochte indicatoren op orde is. De opbrengsten liggen op het verwachte niveau, de kwaliteitszorg voldoet aan de norm en onderdelen van zorg en begeleiding zijn eveneens als positief gewaardeerd. Op twee punten kan de school haar kwaliteit nog verder versterken. Dit geldt voor de kwaliteit van de handelingsplannen en het evalueren van de opbrengsten van leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften.

Opbrengsten

De eindopbrengsten van de school zijn goed en liggen de afgelopen drie jaar (2009, 2008, 2007) boven het niveau van de scholengroep (vergelijkbare scholen qua populatie). Ook de tussenopbrengsten zijn als voldoende beoordeeld. De inspectie beoordeelt met ingang van schooljaar 2008-2009 ook de opbrengsten van leerlingen die specifieke zorg behoeven.

De school stelt voor deze kleine groep leerlingen in de meeste gevallen geen aparte leerlijn op, omdat zij er van uitgaat dat de leerlingen in de heterogene groepen op hun eigen niveau kunnen meedraaien. Wel vindt er altijd een extern onderzoek plaats naar de mogelijkheden en beperkingen van de leerlingen en worden de verwachtingen over het eindperspectief met de ouders gecommuniceerd. Op basis van alle bevindingen stelt de school een zorgplan en handelingsplanning op. In deze plannen is een eindperspectief echter nog niet in concrete termen vastgelegd, of vertaald naar tussendoelen met een passend aanbod per vakgebied.

Kwaliteitszorg

Het team van de 6e Montessorischool Anne Frank werkt gericht en planmatig aan de ontwikkeling en verbetering van de kwaliteit van het onderwijs. De school beschikt over een degelijk systeem van interne kwaliteitszorg. In het kader van de zelfevaluatie worden cyclisch aspecten van het onderwijsleerproces geëvalueerd (aanbod, zorg en begeleiding e.d.). Naast het personeel, worden ook leerlingen en ouders systematisch bevraagd. Als de uitkomsten hiertoe aanleiding geven worden deze als actiepunt opgenomen in het jaarplan.

Zorg en begeleiding

De school heeft de afgelopen jaren het nodige geïnvesteerd in de zorg en begeleiding. De zorgniveaus zijn duidelijk uitgelijnd, evenals de onderscheiden taken en verantwoordelijkheden (Zorgplan/Stappen in zorg). Ook zijn er duidelijke afspraken over de gewenste handelingsgerichte werkwijze.

De school brengt met behulp van de toetsen van het leerlingenvolgsysteem de ontwikkeling van de leerlingen tweejaarlijks in beeld gebracht. De intern begeleider analyseert de gegevens en bespreekt deze in de bouw- of teamvergadering. Indien nodig krijgen leerlingen gerichte ondersteuning binnen de klas. Hiervoor wordt een plan van aanpak opgesteld. Mocht dit niet afdoende zijn, dan stelt de leerkracht, eventueel samen met de intern begeleider, een handelingsplan op en kunnen de leerlingen ondersteuning krijgen in de vorm van remedial teaching. De zorgvraag en aanpak worden structureel met ouders besproken. Leerlingen die uitvallen en/of onder verwachting presteren worden op een zorglijst geplaatst en regelmatig besproken in het team en/of zorgteam.

Hoewel er door de meeste leerkrachten planmatig gewerkt wordt, vindt de inspectie dat de kwaliteit van de handelingsplannen nog verder kan worden versterkt, met name op het vlak van de evaluatie. Deze ontbreekt veelal, terwijl de termijn voor het handelingsplan al verstreken is. Daarnaast zijn ook de doelen onvoldoende specifiek om het effect van de zorg goed te kunnen evalueren.

Themaonderzoek schrijven

Bij het themaonderzoek zijn verschillende kwaliteitsaspecten van het onderwijs in het schrijven van teksten onderzocht, namelijk het leerstofaanbod, de tijd, het didactisch handelen, de afstemming op verschillen tussen leerlingen en de kwaliteitszorg.

Net als bij andere taalvaardigheden zijn er ook verschillen tussen leerlingen in hun schrijfvaardigheid. In het onderzoek is gekeken of de leraren de ontwikkeling van de schrijfvaardigheid van de leerlingen systematisch volgen en of dit ook leidt tot doelgerichte differentiatie in de lessen.

Bij een aantal kwaliteitsaspecten zijn de meeste beoordeelde criteria nog niet duidelijk herkenbaar in de praktijk. Dit is vooral het geval bij leerstofaanbod, differentiatie en kwaliteitszorg. Hier staat tegenover dat de beoordeelde criteria van de kwaliteitskenmerken van tijd wel worden gerealiseerd evenals een aantal onderdelen van het didactisch handelen. Het aspect didactisch handelen laat overigens een wisselend beeld zien, want een aantal criteria is in de praktijk niet voldoende duidelijk aanwezig.

De school kan niet aannemelijk maken dat de leerinhouden voor schrijven aan de kerndoelen voldoen. Zij heeft wel materialen aangeschaft om meer inhoud te geven aan de schrijfopdrachten, maar deze materialen worden altijd als keuze-aanbod op de weektaak vermeld. Tevens geeft de school haar schrijfonderwijs niet volgens uitgeschreven leerlijnen.

Het is zo dat er veel geschreven wordt door de leerlingen. Vooral bij het Kosmisch Onderwijs speelt het schrijven van opstellen over zelf te kiezen onderwerpen een rol. Ook in de groepen 1, 2 en 3 is er systematisch aandacht voor (voorbereidend) schrijven. Het valt ook op dat de leraren bij de schrijfopdrachten aandacht hebben voor de voorbereidende en de formulerende fase. Leerlingen moeten, zeker in de hogere groepen, hun planning en opzet voor de schrijfopdrachten aan de leraar laten zien. De revisie is echter nog een onderbelichte fase. Dit is wellicht terug te voeren op het feit dat de leraren de schrijfopdrachten nog niet voorzien van een context (doelgroep, toon, stijl, vorm, soort tekst) en dat de leraren vooraf ook niet goed aan leerlingen duidelijk maken op welke aspecten de schrijfopdracht wordt beoordeeld.

Omdat de school binnen haar onderwijs veel ruimte inbouwt voor het schrijven van teksten, ligt het voor de hand deze schrijfopdrachten te koppelen aan uitgeschreven leerlijnen per leerjaar. Hierdoor borgt de school dat alle tussendoelen in een opbouwende moeilijkheidsgraad aan bod komen en dekt het schrijfaanbod ook de kerndoelen. Daarnaast krijgt de school zo meer handvatten om de vorderingen van de leerlingen op het gebied van schrijven te volgen en beredeneerd de opdrachten aan te passen aan de specifieke onderwijsbehoeften van individuele of groepen kinderen. Dit gebeurt nu nog niet. Binnen het kwaliteitsbeleid en in het taalbeleidsplan van de school neemt het schrijfonderwijs geen noemenswaardige plaats in. Gezien het beeld van het huidige schrijfonderwijs is dat wel wenselijk.

Conclusie

De inspectie concludeert dat de kwaliteit van het onderwijs op 6e Montessorischool Anne Frank op de in het vierjaarlijksonderzoek onderzochte onderdelen op orde is. In het onderzoek is gebleken dat het onderwijs op die gebieden geen of nauwelijks tekortkomingen kent. Deze conclusie zal worden betrokken bij de eerstvolgend jaarlijkse risicoanalyse die voorafgaat aan de beslissing of het toezichtarrangement eventueel aangepast dient te worden.

Nederlandse Montessori Vereniging

Naast het onderzoek van de inspectie werd de school in het voorjaar van 2010 ook bezocht door de visitatie commissie van de Nederlandse Montessori vereniging. Ter info eerst enige informatie over de vereniging. Ouders dragen in de jaarlijkse ouderbijdrage bij aan het lidmaatschap van de vereniging.

De Nederlandse Montessori Vereniging (NMV) heeft als missie: het bevorderen en (doen) ontwikkelen van opvoeding en onderwijs volgens de beginselen en werkwijzen van Maria Montessori en het bevorderen en bewaken van de kwaliteit van het montessori-onderwijs.

De Nederlandse Montessori Vereniging houdt zich met drie hoofdtaken bezig. In de eerste plaats, met haar secretariaat als middelpunt, de vereniging. Dit houdt onder andere in: algemene raadpleging waaronder de samenstelling van het jaarboekje, verzorging van publicaties zoals ook het verenigingsblad Montessori Mededelingen, het beschikken over een Wetenschappelijk Bureau en referentiepunt voor iedereen die iets wil weten of vragen over montessori-onderwijs in Nederland.

Ten tweede maakt een vereniging met een professioneel bureau zoals de NMV het mogelijk dat de belangen van montessorionderwijs en opvoeding breed kunnen worden vertegenwoordigd. Dit doen we bijvoorbeeld in het bestaande overleg met de inspectie voor het onderwijs en in het samenwerkingsverband van vernieuwingsscholen.
In de derde plaats kan de NMV door haar netwerk van ervaringsdeskundigen zorgdragen voor de kwaliteitsbewaking van het eigen onderwijs door het instellen van visitatiecommissies voor elke sectie binnen de vereniging (Het jonge kind, Basisonderwijs en Voortgezet Onderwijs). Daarnaast draagt de NMV in het kader van de kwaliteit van het onderwijs verantwoordelijkheid voor de inhoudelijke deskundigheid van het personeel op montessorischolen; zij onderhoudt daartoe bindende contacten met de opleidingsinstituten.

De NMV geeft een tweemaandelijks verenigingsblad uit: Montessori Mededelingen.
Leden van de NMV krijgen het blad gratis toegestuurd.

Verslag visitatiecommissie

De visitatiecommissie bezocht de school op 10 juni 2010 en erkende de school opnieuw voor vijf jaar. Uit het motivatieoordeel:

Onze totale indruk laat een school zien met een prettige sfeer, waar kinderen blijk geven van zelfstandig en taakgericht te kunnen werken. Er is een rustige leeromgeving gecreëerd, waarkinderen respectvol met elkaar omgaan.

Er worden twee aanbevelingen gedaan

  1. Het kindvolgsysteem laat verschillende systemen en mogelijkheden toe. Er zijn verschillen tussen bouwen, maar ook tussen groepen binnen een bouw geconstateerd. Wij adviseren de school om een eenduidig systeem op te zetten, dat voor alle leerkrachten hetzelfde is.
  2. Hou de ingeslagen weg met betrekking tot de voorbereide omgeving vast.

 

image description

Facebook Like Box